Free Online Language Learning for Everyone
Dictionaries

Deutsch-Niederländisch Wörterbuch Verwandten test

Currently 35 users online.

You will now be tested on the Verwandten category
Just click the answers you know. You do not need to answer all questions!

Onkel =

volle neef (male), c volle nicht (female)

moeder

oom

schoondochter
Großeltern =

baby, kleintje, kind

grootouders

grootmoeder

schoonbroer, c zwager
Schwester =

grootouders

dochter

zuster, c zus

baby, kleintje, kind
Opa =

neef, c oomzegger

vriend (male), c vriendin (female)

opa

neef (male), c nicht (female)
Naffe =

schoondochter

schoonvader

kleinkind

neef, c oomzegger
Schwager =

kleinkind

schoonbroer, c zwager

neef, c oomzegger

dochter
Tochter =

dochter

vriend (male), c vriendin (female)

grootvader

schoonzoon
Ehemann =

zuster, c zus

schoonvader

man, c echtgenoot

vriend (male), c vriendin (female)
Sohn =

moeder

zoon

schoonmoeder

dochter
Bruder =

broer, c broeder

man, c echtgenoot

oma

oom
Mutter =

schoonmoeder

zoon

moeder

man, c echtgenoot
Schwägerin =

schoonzoon

neef, c oomzegger

schoonzuster

kleindochter
Nichte =

grootmoeder

zoon

nicht, c oomzegster

schoonbroer, c zwager
Tante =

schoonbroer, c zwager

grootvader

tante

zuster, c zus
Oma =

zuster, c zus

oma

dochter

schoondochter
Baby =

schoonzuster

baby, kleintje, kind

kleinkind

kleindochter
Elternteil =

schoondochter

ouder

volle neef (male), c volle nicht (female)

vader
Kind =

relatief

kind

grootvader

relatief
Freund, Freundin =

kleinzoon

schoonzoon

kleinzoon

vriend (male), c vriendin (female)
Cousin, Cousine =

kleindochter

kind

vrouw, c echtgenote

neef (male), c nicht (female)
Copyright © 2005-2015 jonsay.co.uk contact me FAQ`s Privacy Policy

Website designed by Jonathan Sayles