Free Online Language Learning for Everyone
Dictionaries

Dictionnaire Français-Néerlandais Indications test

Currently 36 users online.

You will now be tested on the Indications category
Just click the answers you know. You do not need to answer all questions!

est =

oost

achter, achterkant (side)

boven

dicht liggen
où =

voor, voorkant (side)

voor, voorkant (side)

boven

waar
dessus =

Richting

links, linker

beneden

boven
à l'intérieur =

dicht liggen

daar

bijna

buiten
dessous =

beneden

Richting

dicht liggen

binnen
descendant =

noord

neerwaarts, naar beneden

opwaarts, naar boven

achter, achterkant (side)
sud =

noord

achter, achterkant (side)

zuid

daar
loin =

ver

daar

voor, voorkant (side)

rechts, rechter
ici =

achter, achterkant (side)

hier

links, linker

waar
derrière =

achter, achterkant (side)

tegenover

binnen

waar
ouest =

waar

west

rechts, rechter

achter, achterkant (side)
gauche =

hier

daar

links, linker

tegenover
à l'extérieure =

daar

binnen

hier

rechts, rechter
derrière =

tegenover

ver

beneden

achter, achterkant (side)
à côté =

achter, achterkant (side)

boven

rondom

bijna
droite =

links, linker

rechts, rechter

na

ver
près =

daar

zuid

achter, achterkant (side)

na
en face =

beneden

tegenover

noord

ver
à côté de =

noord

naast, bij

rechts, rechter

boven
indications =

neerwaarts, naar beneden

opwaarts, naar boven

Richting

naast, bij
Copyright © 2005-2015 jonsay.co.uk contact me FAQ`s Privacy Policy

Website designed by Jonathan Sayles